24-03-05

Steve Hackett: To Watch the Storms (2003)

Maandag ben ik met mijn vriend Jan gaan lunchen. Hij vertelde me dat hij onlangs naar het concert in Verviers geweest was van de akoestische tour van Steve Hackett. En zo kwam het gesprek op het vorige Hackett-concert waar hij ook naartoe geweest was, en waarop hij de muziek van de toendertijd recentste CD van Steve Hackett ontdekt had. Een CD die hij nadien gekocht heeft, en waar hij zeer enthousiast over is. Nodeloos te zeggen dat ik zijn enthousiasme meer dan deel.

"To Watch the Storms" is (in mijn opinie) zonder omwegen het allerbeste wat Steve Hackett in de laatste 10 of zelfs 20 jaar geproduceerd heeft. Het is voor de nog prille 21ste eeuw wat "Spectral Mornings" voor de jaren 70 was.

Deze vergelijking gaat in verschillende opzichten op. De muziek heeft dezelfde hoge kwaliteit, en de nieuweling vertoont een zo mogelijk nog grotere variatie dan haar klassieke voorganger. Alle klassieke Hackett-ingrediënten (en nog ekele andere) komen aan bod: de typische droge zangstijl (hij is allesbehalve een groot zanger, maar weet van zijn stemgeluid een typisch kleurelement in zijn muziek te maken); de typische humor en stylistische knipoogjes (luister maar even naar het begin van "Circus of Becoming"); en natuurlijk dat fenomenale gitaarspel. De klassieke gitaar speelt zoals steeds een belangrijke rol, wat mij als klassiek opgeleid gitarist natuurlijk kan bekoren (ik heb destijds op het huwelijk van de Jan uit het begin van dit stukje overigens "Horizons" gespeeld...). Ook het elektrische spel is niet te versmaden, en soms zelfs vrij stevig. Maar de sound is steeds onmiskenbaar Hackett.

Hoogtepunten noemen is niet gemakkelijk, gezien het algemeen hoge niveau. Maar enkele stukken springen er toch nog bovenuit. De CD opent knap met het ingetogen "Strutton Ground" en het reeds genoemde "Circus of Becoming". Bij "Frozen Statues" waan je je even bij David Sylvian. "Mechanical Bride" wordt door velen als een van de beste stukken beschouwd. Het is niet mijn favoriet, maar toch zeer goed (en krachtig!). Bij het instrumentale "Wind, Sand and Stars" speelt de klassieke gitaar voor het eerst op de hoofdrol. Je hoort hoeveel vooruitgang Hackett sinds "Horizons" gemaakt heeft... Een prachtig sfeervol nummer. Ook "Brand New" begint met een korte typische klassieke-gitaarintro, en wordt dan een typisch energiek Hackett-nummer, waar de klassieke gitaar telkens weer opduikt. Om dan naadloos de over te gaan naar het rustige "This World", met een magische overgang naar het refrein. Het instrumentale "Silk Road" begint vrij percussief, krijgt dan weer zeer herkenbaar gitaarwerk (zowel elektrisch als klassiek), en je hoort ook de koto-klanken opduiken die herinneringen oproepen aan "The Red Flower Of Tachai Blooms Everywhere" uit... "Spectral Mornings".

Dan komen drie nummers die enkel op de "Special Edition" van de CD te vinden zijn. "Polution B" stelt niet veel voor. Maar met "Fire Island" lijk je ineens op een pure bluesplaat beland te zijn. Knap! "Marijuana Assassin of Youth" noemt Hackett zelf een "mini-musical": na een typische Hackett-intro krijg je plots een stukje Bach, dat dan even onverwacht weer overgaat in klassieke rock'n'roll, met nog wat onverwachte stijlbreuken verderop: echt leuk, een staaltje van hogergenoemde humor.

De volgende drie nummers staan ook weer op de reguliere editie. "Come Away" is een leuk ironisch nummertje. "The Moon Under Water" is nog eens een mooi kort solostuk voor klassieke gitaar. En dan eindigt de CD met een hoogtepunt: "Serpentine Song" is topklasse, Hackett in grootse doen. Een rustig, sfeervol nummer dat de rillingen van genot over mijn rug laat lopen. Op de Special Edition heb je dan nog "If You Only Knew", een laatste stukje solo-gitaar dat sfeervol afsluit.

"To Watch the Storms" is zoals gezegd een hoogtepunt uit het oeuvre van Steve Hackett. Hij is de man in wie de geest van het oude Genesis nog het meeste voortleeft. Je hoort hoeveel Genesis verloren heeft toen Steve de groep verliet. Voor mij was hij, naast Tony Banks, hun beste componist. En na zijn vertrek is het aandeel van de gitaar in hun muziek sterk verminderd: Mike Rutherford kan zich op dat vlak niet met hem meten.

Als ik je een raad mag geven: koop de Special Edition van de CD. Niet alleen omwille van de 4 extra nummers, maar ook voor het prachtige boekje, met commentaar van Steve bij alle tracks, en vooral de prachtige schilderijen van Steve's vrouw Kim Poor, eentje per nummer.

23:20 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-03-05

Albert Roussel: Bacchus et Ariane

Vandaag eens uitzonderlijk een (vrij omvangrijke) afwas op maandagavond, wegens zondagavond geen zin... En ditmaal geen CD, maar een concert op Klara, met werken van onze eigen Wilfried Westerlinck (waarvoor ik jammer genoeg net te laat was, want de man schrijft zeer mooie muziek), Mozart, en Roussel.

De hoofdbrok voor mij waren de twee suites uit Bacchus et Ariane uit 1930 van Albert Roussel (1869-1937). Dit is orkestrale muziek zoals ik ze graag hoor. Het begin van de twintigste eeuw is een van de periodes uit de muziekgeschiedenis die me bijzonder nauw aan het hart liggen.

Inderdaad, er is meer dan alleen maar progrock in mijn leven... Lang leve de variatie!

22:13 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

15-03-05

Back in Time - Trevor Rabin: Can't Look Away (1989)

Trevor Rabin is een van oorsprong Zuidafrikaans supergetalenteerd muzikant, die natuurlijk vooral bekend is omdat hij in 1983 Yes terug op de kaart geplaatst heeft. Zonder de frisse injectie die hij aan de toen zieltogende groep gegeven heeft, en vooral natuurlijk door de monsterhit "Owner of a Lonely Heart", was er misschien allang geen sprake meer geweest van de groep die nu al zijn 35ste verjaardag gevierd heeft.

De meningen onder de Yes-liefhebbers zijn verdeeld, maar ik houd wel van het Rabin-tijdperk. De man loopt over van talent, zowel als gitarist en multi-instrumentalist als als componist en producer. Het laatste album met Rabin, "Talk", vind ik schromelijk onderschat. En het eerste Yes-album na zijn vertrek, "Open Your Eyes", is werkelijk het minste dat ze ooit gepresteerd hebben (ook al door de grote inbreng van de derdeklas opvolger van Rabin, Chris Squire's maatje Billy Sherwood). Gelukkig hebben ze zich serieus herpakt met het zeer mooie "The Ladder".

Maar dit is geen Yes-historie, ik wil het hier hebben over Rabin's (voorlopig) laatste volwaardige solo-album, "Can't Look Away", gemaakt in de periode tussen "Big Generator" en "Union". Als je ernaar luistert, besef je hoe groot de invloed van Rabin was op het Yes-geluid toendertijd. Toch is dit geen Yes-album zonder de Yes-muzikanten geworden (al drumt Alan White op twee nummers). Het is meer een soort stevige AOR/pop-rock, die ik zeer aangenaam vind om naar te luisteren. Ook hier zie je de enorme kloof die er gaapt tussen het talent van Rabin en dat van Sherwood (luister maar eens naar diens solo-album of zijn samenwerking met Chris Squire, je zult wel horen wat ik bedoel). Ook als zanger staat Rabin zijn mannetje, maar dat hadden we al op de Yes-albums gehoord.

Het titelnummer, waarmee de CD begint, is het meest prog-getinte stuk op de plaat, en had zo op een Yes-CD uit die periode gekund: magistraal. Op "Sorrow" laat hij even zijn Zuidafrikaanse roots horen in de intro. "Promises" is een typisch AOR-nummer. Op "Eyes of Love" hoor je de heavy sound die in het nummer "City of Love" van "90125" menig Yes-fan toendertijd verrast moet hebben. "I didn't Think it Would Last" is ook een "wreed sympathieke" song. Enkel "Hold On To Love" vind ik wat onverteerbaar.

Globaal een aangenaam album, en zeker een aanrader voor wie de bijdrage van Rabin aan Yes apprecieert. Jammer dat hij de laatste jaren geen rockalbums meer maakt. Hij heeft blijkbaar een nieuwe carrière ontwikkeld met het schrijven van filmsoundtracks. Maar je weet natuurlijk nooit...

22:43 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

04-03-05

Brilliant Brahms

Vandaag was de afwas wat later dan gewoonlijk. Eerst met mijn liefste nog wat TV gekeken. Ze was zo moe dat ze dan meteen gaan slapen is. Met als gevolg dat ik voor bij de afwas iets rustigere muziek uitgezocht heb dan de vorige keren. Dat zijn dan de twee strijksextetten van Johannes Brahms geworden.

Sinds ik een aantal jaren geleden in een concertreeks, georganiseerd door de Filharmonische Vereniging van Brussel, bijna alle kamermuziek van Brahms live gehoord heb in het Brusselse Muziekconservatorium, ben ik weg van deze muziek. Vooral de pianotrio's en de strijksextetten dragen mijn voorkeur weg.

Deze strijksextetten zijn werken van een nog relatief jonge Brahms, nog niet het archetypische beeld van de oudere man met de lange witte baard dat de meeste mensen voor ogen zweeft. Vooral het eerste deel van het tweede is aangrijpend. Hierin verklankt hij zijn liefde voor een meisje genaamd Agathe, via het verwerken van haar naam in muzieknoten (het motief A-G-A-H-E of la-sol-la-si-mi) doorheen heel het deel. Melancholisch als je weet dat hij zijn hele leven vrijgezel gebleven is.

Hoe dan ook, deze muziek vormde een zeer sfeervol klankdecor, terwijl ik afwaste en door het raam onophoudelijk de fijne sneeuw zag neerdwarrelen, die langzaam de straat wit kleurde.

Voor wie deze (en andere) muziek aan zeer interessante voorwaarden wil exploreren, zijn er de CDs van Brilliant Records, die voor een werkelijk belachelijk lage prijs te krijgen zijn bij Kruidvat. zo kost het koffertje van 12CDs waarvan ik vanavond naar de 10de luisterde, slechts de prijs van één klassieke fullprice-CD. En aan die lage prijzen heb je vaak te maken met goede tot zeer goede opnamen. Met een beetje uitkijken kan je zo een behoorlijke kwaliteitsvolle klassieke collectie aanleggen voor een habbekrats.

Het enige nadeel is dat deze CDs slechts gedurende beperkte tijd in de Kruidvat-winkels beschikbaar zijn. Maar je kan ze allemaal nog nabestellen via de Kruidvat Entertainment Shop. In onze buurlanden (Frankrijk, Duitsland, Engeland) zijn deze CDs gewoon in de CD-zaken te koop, weliswaar duurder dan bij Kruidvat, maar toch nog altijd koopjes. Wie op de hoogte wil blijven van welke CDs Kruidvat uitbrengt, kan een kijkje gaan nemen op Binnenkort op Brilliant van Klassiek voor een Piek. Die site bevat ook heel wat links naar recenties van de CDs (zoals hier voor Brahms).

Ik zou zeggen, doen, het loont zeker de moeite je muzikale horizonten open te gooien!

23:24 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

01-03-05

NDV: Karma (2001)

Wittekerke voor 't vrouwtje, afwas voor 't ventje, en dus: CD-tijd! Vandaag werd het de CD die ik ook al een paar dagen loop te beluisteren via mijn onvolprezen mp3-speler. En 't is een goeie.

Dat Nick D'Virgilio een goede drummer is, weten we al een tijdje. Hij is natuurlijk het best gekend als de man achter de drumkit (en sinds kort ook achter de microfoon) van Spock's Beard, maar speelde ook bij bands als Tears for Fears, en had zelfs de eer om op een paar nummers van Genesis' laatste album, "Calling al Stations", de drumsticks te hanteren.

Op zijn solo-album "Karma", verschenen toen Neal Morse nog bij Spock's Beard was, bewijst NDV dat hij ook als componist zijn mannetje kan staan, en dat hij ook met gitaren, bas en keyboards uit de voeten kan. Dit is geen prog-album te noemen, eerder goede rock met een aantal originele kantjes. Het is niet verwonderlijk dat je hier al een aantal pre-echo's hoort van Spock's Beard na het vertrek van Neal Morse, vermits NDV daar compositorisch een vrij belangrijke rol is gaan spelen. Maar hier heb je veel minder nadruk op keyboards, het is een veel meer gitaar-georiënteerde plaat. En ook het grootse, symfonische aspect ontbreekt bijna volkomen. Goede rock dus, af en toe vrij ruig (niet te verwarren met heavy), met ook knappe verstilde momenten. Knap drumwerk ook, maar zeker geen typische slagwerkersplaat.

Het titelnummer is origineel, enkel stem en percussie. "The Water's Edge" begint ingetogen en bouwt dan op tot een steengoed nummer. "Untitled" is een knappe instrumental. Op de ballad "Will It Be Me" klinkt hij even als Gerry Rafferty (een compliment komende van mij). En het album eindigt toch op een driedelige, lange song, "Paying The Price", dat zeer knap begint (deze recentie refereert naar Peter Gabriel, niet geheel onterecht), en de CD op een waardige manier afsluit.

Kortom, een knappe rockplaat, die NDV wellicht ook het nodige zelfvertrouwen heeft bezorgd om als componist en zanger met Spock's Beard verder te doen.

22:04 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |