16-06-05

Sennheiser RS-130

Zoals je uit deze blog wel zal begrepen hebben, luister ik zeer veel naar muziek. Het is dan ook logisch dat ik aandacht besteed aan de apparatuur die dit muziekgenot mogelijk maakt. Ik heb al vaak verwezen naar de mp3-speler die ik voor mobiel luisteren gebruik. Maar thuis is het natuurlijk aangenamer om op een degelijke installatie te luisteren. De mijne is intussen zo'n 10 jaar oud, minimalistisch in gadgets maar goed qua klank, van het Engelse merk NAD. Ik ben er zeer tevreden over, en heb voorlopig niet de minste behoefte om er iets aan te veranderen.

Voor de huiselijke vrede is het echter soms aangewezen om iets discreter naar bepaalde CDs te luisteren. Daarvoor zijn er gelukkig hoofdtelefoons. Ik moet zeggen dat ik een zwak heb voor die dingen, en dat ik me dan ook geregeld laat verleiden om er eentje bij te kopen. Ook al omdat ik steeds op zoek ben naar een kwalitatieve oplossing voor mobiel gebruik. Daarvoor ben ik bij de Sennheiser PX-100 beland, zeer goede kwaliteit voor een zeer redelijke prijs (zo'n €40). Sennheiser is trouwens het merk dat mijn voorkeur wegdraagt als het op hoofdtelefoons aankomt.

Nu was ik nog op zoek naar een goed draadloos model. In bepaalde situaties kan dat handig zijn. Ik had er in 1998 wel al eentje gekocht, maar was daar niet echt tevreden mee, vooral omwille van de noise gate, die de neiging had om bij stille passages de klank af te snijden. Vooral bij klassieke muziek is dat enorm storend.

Onlangs las ik in het Franse muziektijdschrift Diapason een vergelijkende test van draadloze hoofdtelefoons. En de winnaar van die test was een recent model van mijn favoriete Sennheiser, de RS-130. Maandag ben ik dan voor de verleiding bezweken en heb ik er zo eentje in huis gehaald. Eerst werd mijn geduld nog op de proef gesteld: de batterijen moesten eerst 16 uur opladen... De volgende dag was dan het grote moment: de eerste luistertest. En gisteravond heeft hij ook met glans de afwastest en zelfs de stofzuigtest doorstaan. Ik denk dat ik er nog veel plezier aan zal beleven.

P.S. Voor wie geïnteresseerd is in hoofdtelefoons, kan ik zeker de site van HeadRoom aanraden. En ook Dan's Data heeft een aantal leuke besprekingen van hoofdtelefoons (scroll naar beneden tot de sectie "Speakers and Headphones").

22:42 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

02-06-05

Kino: Picture (2005)

Bijna een maand sinds ik het beloofd heb, maar nu is het eindelijk zover: mijn bespreking van "Picture", de eerste CD van een nieuwe zogenaamde "supergroep", Kino. Supergroep, omdat hij bestaat uit muzikanten uit andere groepen die hun sporen ruimschoots verdiend hebben: John Mitchell, Pete Trewavas, John Beck, en Chris Maitland van Marillion, It Bites, Arena, and Porcupine Tree (maar niet in die volgorde: zoek het zelf maar eens uit :-) Maar ik zou ook zeggen, supergroep omdat hij supermuziek maakt!

Hoe kan ik ze het best karakteriseren? Eerste vraag is natuurlijk of het prog is. Gezien de achtergrond van de heren en het platenlabel lijkt dat immers aannemelijk. En het antwoord is positief, met wat uitleg. Verwacht geen muziek in de lijn van Transatlantic (waar Pete Trewavas ook in zat), Neal Morse, Spock's Beard en andere Flower Kings. Het is compactere muziek, met links naar AOR, goede pop-rock en neo-prog. De plaat begint weliswaar met een 9 minuten durende "epic", "Loser's Day Parade", (om duimen en vingers van af te likken!), maar de rest van de songs is korter. Een vergelijking die bij me opkomt is A.C.T., die verantwoordelijk waren voor mijn favoriete CD van 2003 (zie mijn eidejaarslijstje van toen) En deze vind ik van hetzelfde kwaliteitsniveau.

Vergis je niet, er is heel wat om onze progressieve oren te verblijden, alleen ligt het er niet altijd zo vingerdik op als bij bovengenoemde bands. Zo zijn er bijvoorbeeld de constant aanwezige zeer proggy keyboards. Het gitaarwerk is bij momenten best stevig, en hier en daar zit er een knappe solo die aan Steve Rothery herinnert (je weet wel, die collega uit het andere bandje van Pete Trewavas). Het baswerk van Pete is als vanouds knap, de zang mag er ook zijn, en het geheel klinkt bijzonder indrukwekkend. Ook heel wat wijdse symfonische passages.

De openingstrack is zoals gezegd de epic "Loser's Day Parade". Begint behoorlijk stevig, met solide gitaar- en baswerk en knappe progriedels in de keyboards. Halverweg krijg je plots een ironisch aandoende Beatles-achtige passage die leuk contrasteert, waarna het stevigere werk terugkomt om dan even gas terug te nemen alvorens uit te lopen in een machtig symfonisch slot. Prachtig!

"Letting Go" heeft weer zo'n symfonische sound. "Leave a Light On" begint alsof het van The Police zou kunnen zijn (dat zegt John Mitchell overigens zelf in zijn commentaren op de nummers). Een huppelend, vrolijk nummer. "Swimming in Women" begint wat rustiger, en heeft een symfonischer refrein en tussenstuk. "People" is een van mijn favoriete nummers. Opnieuw emotioneel en stevig symfonisch, vrij rustig van tempo. Met rond 3:30 even een sound die me zeer bekend voorkomt, en dan zo'n zingende, hartverscheurende Rothery-achtige gitaarsolo. En vergeet niet naar de keyboards te luisteren... "All You See", nog een mid-tempo, begint met een rustige piano en zang, om dan weer in symfonische glorie open te bloeien, met weer zo'n knappe gitaarsolo erin. Volgens Mitchell benadert dit het meest een ballad. En een mooie vind ik! Na die emotie een opgewekter nummer, "Perfect Tense", een popsong volgens Mitchell. Maar dan een goeie, echt happy muziek, een oorworm zoals er wel meer op de plaat staan. In "Room for Two" gaan ze er eens lekker in een 7-telsmaat tegenaan, zoals elke proggroep die zich respecteert af en toe wel eens doet. Het resultaat is een vrolijk, beweeglijk nummer dat door de oneven maatsoort een stevige drive heeft. Nog maar eens happy muziek. "Holding On" is dan weer wat rustiger, met een akoestische-gitaarintro. Later wordt het weer steviger, om na zo'n 5:30 minuten "epic sounding" te worden (om Mitchell nog maar eens te citeren). De plaat sluit af met de titeltrack, een kort verstild nummer van amper twee minuten, vooral piano en zang.

Conclusie? Je hebt wellicht al gemerkt dat ik dit een goede plaat vind. Een bijzonder goede zelfs, die zeker zeer hoog zal eindigen in mijn eindejaarslijstje voor 2005. Sinds mijn vermelding een maand geleden heb ik ze ontelbare malen beluisterd, en ik geniet er nog steeds met volle teugen van. Ik ben dan ook verheugd dat deze heren zinnens zijn om hier nog een vervolg aan te breien. Een aanrader!

22:32 Gepost door Squonk | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |